Festivaltip
Punkrock Raduno als ideaal begin van de zomervakantie

Onder het motto ‘Too Tough To Die’ klonterden tientallen bands en zo’n duizend bezoekers onlangs samen in het Italiaanse Bergamo voor de achtste jaargang van Punkrock Raduno. Heaven ging sfeer proeven bij dit compleet gratis festival en constateerde, niet voor het eerst, dat punkrockers de nieuwe hippies zijn.
Tekst Bram van Schaik
Het was een té mooi affiche. Punkrock Raduno 8 verwelkomde zo’n veertig bands uit onder meer Italië (The Peawees, Teenage Bubblegums), Oostenrijk (Deecracks), Amerika (Sack, Squirtgun, The Dopamines), Australië (Private Function), Japan (The Kingons), Engeland (Helen Love) en Nederland (The Windowsill, Lone Wolf, The Accelerators en The Shivvies, alle uit Rotterdam). Dus moest het er dit jaar eindelijk maar eens van komen. Na een eerdere, vergeefse poging wilde ik zelf meemaken wat door hen die het kunnen weten wordt beschouwd als een plek waar je geweest móet zijn. Als je van punkrock houdt tenminste. Dat doe ik, al sinds het eerste album van The Ramones in 1976. Daar is ook dit jaar het thema aan ontleend; Too Tough To Die is het achtste Ramones-album.
Familie
Punkrock Raduno, kortweg PRR, beleefde in 2016 zijn eerste editie. Het is een initiatief van Franz Barcella, mede-eigenaar van boekingskantoor Otis Tours, en Andrea Caredda van platenlabel Striped Records, daarnaast bekend als zanger Andrea Manges van de in 1993 opgerichte ‘Ramonescoreband’ The Manges. Ze wilden de beste poppunkbands van de planeet samenbrengen voor een kleinschalig, gratis zomers festival bij Edoné Youth Center, een culturele vrijplaats waar Barcella bij betrokken is. Hun streven: een bijeenkomst, ‘raduno’ in het Italiaans, van de mondiale punkrockfamilie. Want zo staat de scene al decennia bekend: als één grote familie. Bands op alle continenten helpen elkaar waar het kan, want veel geld gaat er niet in om. De meeste muzikanten doen het ‘erbij’ en verdienen elders hun boterham (van Über-chauffeur tot hoogleraar). Zo zit ook de financiering van dit gratis toegankelijke festival. Je moet je als band geroepen voelen erbij te wíllen zijn. Het duo Barcella en Caredda borduurde voort op de Monster Zero Summer Mash, een vergelijkbaar festival dat in 2014 en 2015 op die plek plaatsvond. Aanstichter daarvan was Kevin Bär-Stout uit Innsbruck, de geboren Lekkerkerker die ook bekend is als Kevin Aper van de Rotterdamse punkrockband The Apers. Onder de vlag van zijn platenlabel Monster Zero hield hij een aantal jaren dergelijke feestjes op meerdere Europese locaties.
Coronahoofdstad
In 2020 zou ik naar de Raduno afreizen. Alleen de aanwezigheid van The Mopes – een Amerikaanse ‘supergroep’ die zelden optreedt en wiens platen ik koester – was me de reis waard. In januari boekte ik een fantastisch appartement in hartje stad, in maart kon ik alles cancellen. Bergamo was ondertussen de Europese coronahoofdstad geworden. Tussen half februari en april 2020 overleden in de provincie Bergamo, met een miljoen inwoners, zeker zesduizend mensen aan corona.
Voorwaarde: airco
Na twee jaar gedwongen stilstand pakte PRR in 2022 de draad op. Ik las gretig de verslagen van de edities die volgden, zag de vrolijke beelden, hoorde de zonder uitzondering enthousiaste verhalen van Nederlandse muzikanten die er vrijwel elk jaar bij zijn, spelend of niet, en besloot dat het tijd werd. De meereizende partner stelde één voorwaarde: een goed hotel mét airco, want vorige edities was het in dat deel van Italië flink heet en daar zijn we niet goed tegen bestand. Laat nu een half jaar geleden aan de rand van Bergamo, op vijf fietsminuten van het festivalterrein, een kolossaal centrum zijn geopend, ChorusLife. Met winkels, concertzaal, outdoor stage, restaurants én een Radisson Blu hotel. Dat bleek de ideale, gekoelde uitvalsbasis. Tien minuten de andere kant op fietsen en je bent in het centrum, van waar het een anderhalve kilometer fietsen is naar het monumentale, hooggelegen stadsdeel. Deze schitterende Città Alta stamt uit de middeleeuwen en is onder meer te bereiken is met de Funicolare, een trammetje dat steil bergop- en afwaarts gaat en je een hoop gesjouw scheelt. Een must als je er toch bent.
Brand
Het festival start woensdag officieus en in het klein, bij het in een park gelegen Goisis, een restaurant/club. Echter, kort voor het eerste van de twee optredens slaan de vlammen uit het elektriciteitskastje aan de rand van het terrein. De brandweer rukt er speciaal voor uit, maar dan is het vuurhaardje al met een brandblusser bedwongen. Alleen zit optreden er niet meer in. Geen nood, één telefoontje van Franz Barcella is genoeg om de kleine PA en het instrumentarium in te pakken en naar het vlakbij gelegen Edoné te verkassen. Het publiek verhuist zonder morren mee en met slechts een kleine vertraging gaat het programma alsnog van start. Bezoekers komen overal vandaan, merken we snel. De receptioniste van het hotel die wist van onze bestemming, meldt de eerste avond al dat een Amerikaan had ingecheckt die overlopend van enthousiasme vertelde dat hij het mooiste ging doen wat hij kon bedenken: PRR bezoeken.
Hippies
Wij duiken er donderdag vol in en stellen al gauw dat het klopt wat we over het evenement hadden gehoord. En dat punkrockers net hippies zijn. De muziek is in veruit de meeste gevallen hard en snel en een wilde moshpit of een lading crowdsufers is eerder regel dan uitzondering, de sfeer straalt een en al vriendelijkheid en behulpzaamheid uit. PRR afficheert zich nadrukkelijk als een plek waar iedereen zich veilig moet kunnen voelen: ‘we stand strongly against racism, sexism, homophobia and violence’ valt op veel plekken te lezen. En dat wordt ook voortdurend verkondigd. In de avonduren checken bij beide entrees enkele beveiligers of er geen glaswerk in de tas zit, maar ingrijpen zie ik ze niet doen. Er staan geen barriers voor de podia, een groot en een kleintje, en de backstage kun je zo binnenlopen, maar niemand doet het omdat de artiesten voor en na de shows toch al benaderbaar zijn. Bezoekers, veel zwarte kledij en veel tattoos, zuipen zich niet lam, er wordt niet gegooid of geknokt en iedereen wacht op zijn beurt bij de bar. Muzikanten spelen geregeld een nummer mee bij een collega-band en helpen elkaar met op- en afbouwen. De change-over tussen twee optredens duurt hoogstens een kwartier. Bands gebruiken vaak elkaars spullen en gitaristen die hun instrument om praktische redenen niet bij zich hebben, kunnen zich uitleven op een van de fraaie exemplaren die het Zwitserse bedrijf Yeahman’s Guitars gratis ter beschikking stelt.
Treintje
Het aantal randactiviteiten groeit met het jaar. Stefan Tijs, labelbaas van het Rotterdamse Stardumb en elk jaar van de partij met zijn merchandise, draait met kompaan Youri Post een dj-set in de bar Pivo. Bij Bike Fellows, een fietsenzaak annex café, kun je lunchen terwijl onder andere Ray Rocket (zanger-gitarist Ray Carlisle van Teenage Bottlerocket, nu meegekomen als bassist bij Sack) een akoestische set speelt. Even verderop, bij de Inkclub, brengen Deecracks met als zanger Raduno-organisator Andrea Manges een daverende set Ramones-nummers. Ik moest dit zien, maar het was zo warm dat ik na vijf nummers half gesmolten de buitenlucht opzocht. Er is een boekpresentatie, een film screening (Devo), meerdere dj-sets na middernacht (met koptelefoon, na middernacht heerste stilte), een loterij en het toeristentreintje dat Bergamo doorkruist wordt voor enkele uren afgehuurd om een lading jolige punkrockers door de straten te vervoeren.
Conclusie: de kleinschaligheid (ik mijd al jaren grote zalen en dito festivals), de stad en de omgeving, de sfeer, de muziek, het weer (we hadden mazzel met 30-32 graden maximaal) en bovenal de mensen maakten deze Raduno onvergetelijk. Punkrock Raduno 9 is van 16 t/m 19 juli 2026.
Ontmoeting met een legende
Een van de bands die ik per se wilde zien was Squirtgun, en als het kon wilde ik ook bassist Mass Giorgini spreken. Beide gevallen raak. Het optreden van Squirtgun met een ‘supersoaker semi-cover set’ is een feest der herkenning. De band bestaat uit vijf muzikanten die hun sporen verdienden in meerdere toonaangevende punkrockbands. Van veel van die bands, inclusief The Mopes, kwam een nummer voorbij. Geen covers dus want elk nummer kon aan een bandlid worden toeschreven. Mass Giorgini (57) legde het als master of ceremonies allemaal uit. Hij is, naast muzikant, een legendarische producer van, nou ja, van wat eigenlijk niet. Sinds 1992 maakt hij naam met tientallen albums, van toonaangevende tot beginnende bands. De Amerikaan met Italiaanse roots woont al weer jaren in Rome. Naast producer is hij academicus, die eerst psychologie studeerde en later promoveerde in Spaanse letterkunde. “Het is voor het eerst sinds 2019 dat ik weer optreed. Van de vier anderen heb ik alleen mijn broer Flav (gitarist, tevens professor neurogenetica aan de Universiteit van Leicester, bvs) geregeld gezien. De andere drie kwamen gisteren ingevlogen. We hebben twee keer geoefend, dat moet maar voldoende zijn.’’
Het wás voldoende, het werd feest en wat het voor Giorgini bijzonder maakte was dat zijn twee jonge kinderen hun vader voor het eerst als muzikant aan het werk zagen. Van heel dichtbij want ze mochten, met beschermende koptelefoon, op het podium.
Het geheim van Raduno
Marien Nicotine (Marien Jonkers, chef graphics bij de Volkskrant ) speelde er met The Windowsill en The Shivvies. Het is zijn zesde Raduno.
,,Het is vooral het leukste begin van de zomer. Mooie stad, lekker eten, heel veel vrienden en ook nog leuke muziek. Als artiest is het een grote bevestiging dat de dingen die we maken nog steeds enorm geliefd en gewaardeerd zijn. En dan denk ik vaak: Zullen we nog een plaatje opnemen? Ja, laten we dat maar doen.’’
Ox Accelerator (Martijn Herremans, editorial designer bij Studio TMO) speelde er met zijn bands The Accelerators en Lone Wolf en speelde ook mee met The Shivvies. Het is zijn vijfde Raduno.
,,Raduno is meer dan punkrock, het is iets magisch. Een festival dat draait om de community, een plek waar heel veel mensen zich thuis voelen. Waar vrienden over heel de wereld elkaar weer tegenkomen en nieuwe vrienden gemaakt worden. Dat er ook nog eens een paar geweldige bands spelen maakt het extra speciaal.’’
Jerry Hormone (Jeroen Aalbers, auteur) reed ruim 2200 kilometer voor een verblijf van zo’n 24 uur in Bergamo, inclusief een optreden van 30 minuten met The Windowsill. Het is zijn derde Raduno.
,,Voor mij is het de ultieme minivakantie voor punkrockers. Gratis toegang ook nog ‘s, dus je houdt extra centen over om jezelf driemaal daags een koolhydraatoverdosis te eten. Echt, pico bello, zoals de Italianen zelf zeggen.’’