Uw ervaring op deze site wordt verbeterd door het gebruik van cookies.
Sta cookies toe Meer informatie ×

Interview

Tekst: Eddie Aarts
ma 26 oktober 2026

Kristin Hersh: Suiker uit de hemel

Interview

Dit jaar vierde ze haar zestigste verjaardag, maar Kristin Hersh blijkt nog altijd actief en een onvervalst podiumdier. Dit voorjaar tourde ze met Throwing Muses, de band die ze in 1981 oprichtte, door de VS. Met die groep nam ze tijdens de zomermaanden een nieuwe plaat op. In september verscheen onder haar eigen naam het prachtige album Sugar On Blackstone en momenteel speelt ze bijna aaneengesloten ruim dertig shows in alle hoeken van het Verenigd Koninkrijk en Ierland. Tussendoor doet ze in een paar dagen Parijs en de lage landen aan, om vervolgens door te reizen naar Australiƫ en Nieuw-Zeeland. Het is vermoeiend en ze verheugt zich erop met de kerst weer thuis te zijn. Tijdens het zoomgesprek vanuit een hotelkamer ergens in Engeland laat ze vooral merken met hoeveel plezier en drive ze ook deze solo-optredens doet.

Tekst Eddie Aarts Foto Pete Mellekas

Een paar jaar geleden woonde ik zo’n soloconcert bij, en waar Hersh’ oeuvre gevoelige onderwerpen hoe dan ook al openhartig en onomwonden verklankt, stelt ze zich in haar uppie op het podium zo mogelijk nog kwetsbaarder op. Heel iets anders dan touren met Throwing Muses bevestigt ze direct: “Met de band hebben we natuurlijk veel meer lol. Maar van de soloshows leer ik meer. En ik heb nog heel wat te leren, vooral wat het beheersen van de energie en sfeer betreft. Met de groep is daar geen ruimte voor. Daar kun je hooguit spelen met tempo’s en dynamiek. In mijn eentje moet ik steeds weer ontdekken hoe een liedje en een zaal samengaan. Alles vormen naar wat de song en de ruimte nodig hebben, het is iedere avond een les en daar geef ik me graag aan over. Het heeft iets spiritueels, maar ook iets van exacte wetenschap. Als we met de band spelen gebeurt er zoveel tegelijk, dat lijkt wel op acrobatiek. We reageren op elkaar, als footballspelers die de bal zien draaien en daarnaar handelen. Die podiumconcentratie is fantastisch, we zien en horen elkaar als het ware in slow motion.”

Hersh beaamt dat de solo-optredens ook concessies vergen. Ik vraag het omdat ze op haar platen veel instrumenten zelf speelt en het op het podium met slechts twee handen en één stem moet doen. “Ik heb overwogen om Pete, onze cellist mee te nemen. Maar ik vond het wreed om hem met tourschema’s als deze op te zadelen en besloot het alleen te doen. Het vraagt veel van me. Ik heb zo’n twintig nieuwe nummers en mijn liedjes hebben het voor het zeggen. Ze zijn als kinderen, verschillend van uiterlijk en karakter en altijd onvoorspelbaar. Maar toch functioneren ze als geheel en kan ik ze nog altijd niet helemaal doorgronden. De setlist is dus een entiteit, die songs uitspuugt en ze verwisselt, verandert, vertraagt en ik moet daarmee zien te dealen. Dat loopt soms wat uit de hand. Veel musici zouden daar stapelgek van worden, maar ik ben er dol op. De zaal bepaalt dit keer steeds hoe ik het geluid van mijn nieuwe materiaal optimaal kan weergeven. Dat móet mee veranderen. Het is een interessante gedachte, maar ik geloof niet dat ik een muzikale formule kan bedenken die onder alle omstandigheden even goed werkt.”
 
Ze is nog steeds oprecht verbaasd over hoeveel mensen haar concerten komen. “Maar dat heb ik al sinds we tieners waren. We zeiden wel eens tegen elkaar: ‘Wat doen die mensen hier?’ Wij vonden het zelf vooral leuk. Het klinkt heel egoïstisch, maar ik vind het nog steeds geweldig om te spelen. Het draait om de relatie tusen mij en mijn liedjes. Maar het verbaast me hoeveel dat ook anderen kan schelen.”
 
Donkere voorgeschiedenis

Tijdens de concerten is natuurlijk plaats ingeruimd voor werk van haar recentste album Sugar On Blackstone. In een interview meldde Hersh al eens ‘helemaal niet zo goed te zijn in het verzinnen van dingen en daarom maar te schrijven over zaken die ze echt meemaakte’. Maar zelfs in dat licht is haar nieuwe plaat een van haar persoonlijkste. Ze keerde letterlijk en figuurlijk terug naar Providence, de plaats waar ze een deel van haar jeugd doorbracht. Er kleven weinig fijne herinneringen aan en dat klinkt door in elf prachtige nummers die niet zwaarmoedig zijn maar veelal een duister randje hebben. 
“Het was geen vooropgezet plan, maar toeval bracht me er terug. En mijn broer waarschuwde me: Kris, dit gaat niet makkelijk worden.”

Haar broer is de Dark Eyed Junco uit de titel van een van de sleutelnummers van de plaat. Het verhaalt hoe ze basketbal speelden tot het té donker werd om de ring nog te zien om maar niet naar het huis te hoeven dat geen thuis meer was sinds de komst van hun stiefvader.
“We hadden geen makkelijke jeugd, niets was er ooit eenvoudig. Mijn vriend Dom werd doodgeschoten en ik heb zijn weduwe en vijf kinderen een poos in huis genomen. Wat ik uiteindelijk heb gedaan, wat ik altijd heb gedaan, is daar een passende soundtrack bij maken die ik kon delen. Alle kwaad, trauma’s en wat niet had moeten gebeuren verdween. Dit klinkt als hoe het allemaal was. Het is onvermijdelijk dat daar wat van mijn vingerafdrukken herkenbaar zijn, maar dat moet niet te veel zijn. Anders kún je het niet delen.”
 
“En dat is precies wat ‘publishing’ is. Niet in de zin zoals platenmaatschappijen het graag gebruiken, maar voor mij, voor de artiest. Het betekent muziek naar de mensen brengen die het nodig hebben, waarbij je zelf onzichtbaar blijft. En dat is een flinke last. Al helemaal wanneer je zo’n donkere voorgeschiedenis vertaalt in glasheldere, lawaaiige nummers. De muziek maken was niet veel makkelijker dan hoe we het destijds beleefden, maar zo werd het wel de ‘soundtrack’ die ik voor ogen had: Sugar On Blackstone. Wij woonden op Hope Street en Blackstone was een soort ‘joggingpad’ in de buurt waar mensen ook kwamen om te mediteren of gewoon wat te mijmeren. Aan het eind ervan lag Power Street, waar de rijke mensen woonden. Je zag dat zelfs terug in muurschilderingen: Rich folks live on Power Street, most of us live off Hope.  Terwijl ik daar weer rondliep, nadenkend over het verleden en de toekomst, kwamen de songs bijna uit de lucht gevallen. Hoe mooi is dat? Suiker uit de hemel. Toen begon alles ook op zijn plek te vallen. Mooi en lelijk gaan goed samen.”
 
Schrijven zit Kristin Kersh in het bloed. Als meisje verzon ze al zo’n 100 liedjes, zelfs voor ze op haar veertiende met halfzus Tanya Donnely hun bandje begon. Ze is heel bescheiden over de kwaliteit daarvan, maar bouwde met Throwing Muses, haar andere band 50Foot Wave en onder eigen naam een imposant oeuvre op. Daarnaast publiceerde ze een aantal intrigerende boeken, die eveneens een sterk autobiografische achtergrond hebben.
“Het zijn twee verschillende dingen, maar vlak voor het moment waarop iets ontstaat, heb ik zonder nadenken gekozen voor een gitaar of de schrijfmachine. Hoewel ik al een jaar of zeven werk aan een roman waarvan ik niet weet of die er ooit zal komen. Een bevriende muzikant zegt wel eens dat ik mijn memoires moet schrijven, maar ik uit me toch het meest in mijn liedjes.”
 
De toekomst van songschrijven

Haar recentst verschenen boekje is het 128 pagina’s tellende, essay The Future of Songwriting. Ze schreef het op verzoek van uitgeverij Melville House voor hun ‘Futures’-serie, waarin de toekomst van onderwerpen uiteenlopend van bananen, reizen, tuinen en fraude centraal staan. Hersh’ boekje benadert het onderwerp heel losjes en bestrijkt meer dan muziek alleen. In de loop van ons gesprek sijpelen haar visie en mening geregeld door. Die zijn niet nieuw. Ze heeft al sinds de vroege jaren van haar loopbaan weinig op met de puur zakelijk opererende krachten in de muziekwereld en richtte al in 2008 met een paar collega’s CASH Music (Coalition of Music and Stakeholders) op om niet van die industrie afhankelijk te zijn. De non-profitorganisatie had met een door muzikanten zelf gerunde, aan streaming-platforms verwante aanpak iets voor ogen dat heel logisch lijkt, maar werd uiteindelijk door de Amerikaanse belastingdienst om zeep geholpen. De achterliggende gedachte is overduidelijk ook haar eigen filosofie en verklaart deels waarom Hersh haar boterham ook graag al spelend verdient.
“Oorspronkelijk vroeg de uitgever een verhaal over de toekomst van muziek. Dat heb ik teruggebracht tot songschrijven. Ik denk dat ik niet helemaal heb geschreven wat ze verwachtten, want ik betoog dat de toekomst in het verleden ligt. Toen nog niemand eigenaar was van een liedje, voordat de Carter Family zich folkliedjes toe-eigende die afkomstig waren van honderden schrijvers in diverse genres en soms al tijdenlang door moeders voor hun kinderen werden gezongen of op andere manieren werden doorgegeven. Die niemands bezit waren. Dat was het begin van de entertainmentindustrie. De radio volgde en vervolgens draaide alles om verkochte exemplaren. En daar zijn de problemen volgens mij ontstaan. Het product verkopen werd belangrijker dan de kunst zelf. Mijn instelling is dat ik platen wil maken die mensen een miljoen keer willen horen, terwijl de business die plaat liever aan een miljoen mensen verkoopt die ’m één keer beluisteren. Naar mijn mening is dat systeem inmiddels ingestort al proberen ze met alle macht de schijn op te houden dat het nog steeds functioneert. Het is jammer dat sommige mensen zich niet realiseren dat muziek niet de muziekindustrie is. Het woord zegt het al: muziek is juist iets heel organisch. Het is net zo’n verschil als dat tussen intensieve en biologische landbouw.”
 
Streamen van muziek

Een beetje verrast ben ik wel wanneer ze een lans breekt voor streamen van muziek, tot ik begrijp dat ze daarmee niet het financiële aspect van het fenomeen voor ogen heeft. “Toen ik contracten tekende met grote muziekbedrijven, raakte ik luisteraars kwijt. Ze begrepen mijn benadering niet en vonden het helemaal niet nodig dat ik ging optreden. Ze wilden product verkopen en lieten steeds meer muziek verdwijnen. Hun motto was: ‘Muziek is voor mensen die ervan houden en we kunnen niemand vertellen waar hij van moet houden. Wij verkopen een product en kunnen ze wel wijs maken dat dat leuk is. Daarna gooien ze het weg en kunnen we ze weer iets anders verkopen’. Weirdo’s zoals ikzelf, die gewoon ouderwets muziek wilden maken, vertrokken omdat ze voorzagen waar dit toe zou leiden. Alle pracht en praal die we nu nog zien rond shows, merchandise en royalties is een poging geld te verdienen in een wereld zonder fysiek product. Ik vind het interessanter om naar die zaaltjes, kerken en kroegen te gaan waar mensen samenkomen voor de muziek.”
 
“Ik begrijp wel dat musici klagen hoor, maar anderzijds is het niet nieuw dat muziek vooral liefdewerk is en je gewoon heel hard moet werken om ervan rond te komen. Ik ontkom natuurlijk ook niet aan de zakelijke kant. We hebben een band te onderhouden en zijn dus ook gewoon een bedrijf. Ik ben ook blij met Fire Records
En streamen is een geweldige manier om veel muziek te leren kennen, in elk genre en uit elke tijd. Tientallen jaren, generaties lang, werd mensen de kans onthouden de muziek te ontdekken waar ze écht van hielden. Vooral in de jaren zeventig en tachtig. Omdat je daar platen voor moest kopen en dus altijd beperkt was. Dat is nu weer aan het veranderen. Zelfs als je weinig geld hebt kun je dankzij streaming ontdekken voor welke muziek je voorbestemd was te gaan houden.”
 
Kristin Hersh live: 26 oktober: in De Spil, Roeselare; 27 oktober in CC Maasmechelen, Maasmechelen; 28 oktober in Tivoli Vredenburg, Utrecht: 30 oktober in PHIL, Haarlem.