Recensie
Mouse on Mars & Lee ‘Scratch’ Perry - Spatial, No Problem
Domino Records / V2
Al een poosje werk ik aan een artikel voor onze website, waarin ik ondermeer lucht geef aan mijn frustratie over de aanzienlijke hoeveelheid ‘bagger’ die – met name op de streamingdiensten - inmiddels aan de man wordt gebracht met de naam van de in 2021 overleden Lee ‘Scratch’ Perry als ‘verkoopargument’. Toegegeven; de excentrieke Jamaicaanse banneling liet zich tegen de juiste prijs vermoedelijk vrij makkelijk verleiden ergens wat van zijn kenmerkende mumbo jumbo in de microfoon te komen bazelen, maar de ‘muziek’ die tallozen daarmee (of met ‘elders geleende vocalen’) na zijn dood fabriceerden is vaak te erg voor worden. En minstens zo erg; het overschaduwt de briljante en vindingrijke producties waarmee Perry naam maakte en de soms verrassende platen waarop hij tijdens zijn tweede carriere als ongeleid maar artistiek gezien uniek performer figureert. Op dat verhaal zult u echter even moeten wachten, want of de duvel ermee speelde – iets dat je in Perry’s geval nooit mag uitsluiten – zag onlangs Spatial, No Problem het levenslicht en zette die plaat me even op het verkeerde been. Want de opnamesessies van het gerenommeerde Duitse electronicaduo Jan St. Werner en Andi Toma (samen actief als Mouse on Mars) met Lee Perry leverden wel degelijk een intrigerende en genietbare plaat op. Het was naar verluidt Perry’s laatste ‘echte’ samenwerking en in de Berlijnse studio (waar hij ook direct visueel zijn sporen achterliet) werd vooral snel en intuïtief gewerkt, waarbij het tweetal zich vooral door Perry’s woorden, zang en andere fratsen liet leiden en inspireren. Uitleggen waarom Spatial, No Problem wél werkt is niet makkelijk, maar de comfortabele manier waarop Perry’s bijdragen zich nestelen in de soundscapes van St. Werner en Toma is wat mij betreft doorslaggevend. Reggae komt daar niet of nauwelijks aan te pas, maar de beste platen in die categorie maakte Perry in zijn laatste jaren onbetwist met Adrian Sherwood. De Mouse on Mars tunes zijn uiteenlopend, maar zonder uitzondering wél op Perry’s lijf geschreven. En ze kennen wel degelijk voortdurend raakvlakken met stijlen die, soms al vroeg in zijn carriere, ook Perry’s belangstelling hadden of zelfs van invloed waren. Zo kennen zowel Economic Train als State of Emergency een Nyabinghni-achtige ritmische basis en New Orleans-blazers maar duiken in dat laatste nummer ook arabisch aandoende zanglijnen op. Oosterse aandoende klanken kleuren ook het hypnotiserende Yayaya en To The Rescue kent juist weer West-Afrikaanse gitaarmotieven. Dit alles klinkt ongetwijfeld als een ratjetoe en dat is het ook. Maar dan wel op héél zorgvuldige wijze samengesteld en naadloos aansluitend bij het onvoorspelbare, kleurrijke en creatieve leven dat Lee Perry leidde.
Naschrift: ongeveer gelijk met de plaat arriveerde ook mijn exemplaar van het boek Black Ark dat onlangs verscheen bij de Zwitserse uitgeverij Edition Patrick Frey. In ruim 660 pagina’s bewijst het koffietafelboek met honderden foto’s van Perry’s in vlammen opgegane studio en talloze artefacten, collages en parafernalia van diens eigen hand dat het creatieve talent van de Jamaicaanse zich niet beperkte tot muziek alleen. Tijdens het doorbladeren bleek Spatial, No Problem onbedoeld een perfecte soundtrack.
Eddie Aarts